Observatie: Kunst

Posted at december 29, 2010 by

Schrijver Jonathan Franzen zegt over de familie Berglund, in zijn in 2010 verschenen roman Freedom, dat zij bedeeld zijn met een enorme vrijheid waarmee ze eigenlijk geen raad weten. Filosoof Jean Baudrillard noemde dit ’leven na de orgie’. Alles is voltooid, er valt niks meer te bevechten en alle taboes zijn verdwenen. Maar in plaats van vreugde heersen leegte en schreeuwerige meningen om die leegte te vullen. Een van die huidige meningen bevat het wegzetten van kunst als hobby: een vrijetijdsbesteding die geld opslurpt en niets oplevert. Een zienswijze die een duizelingwekkende onwetendheid ten aanzien van de kracht van creatie verraadt.
De waarde van kunst is groot. Allereerst omdat kunst ons verhalen vertelt en de mens van oudsher behoefte heeft aan verhalen. We zijn van nature geneigd om stukken informatie en flarden van gebeurtenissen aan elkaar vast te rijgen om betekenis te geven aan het leven. In deze tijd waarin de politiek niet in staat is tot het vertellen van een inspirerend en betekenisvol verhaal, kan bijvoorbeeld literatuur grote verhalen van hoop en kleine verhalen met een universele reikwijdte vertellen.
Het hindert daarbij niet als de woorden verontrusten, ontregelen en bevreemden: gemoedstoestanden die soms bedoeld of onbedoeld door de politiek worden veroorzaakt. Politici kunnen dit beter overlaten aan kunstenaars zodat zij zich kunnen toeleggen op hetgeen waar politiek ooit voor uitgevonden is: het betere regelwerk.
Scheppen zit besloten in de mens zelf. Duizenden jaren voor Christus maakte men al grottekeningen van dagelijkse taferelen. Het op verschillende manieren uitbeelden van emoties met stem, gebaren en woorden is zo oud als de mensheid en muziek gaat terug tot de riten van ´primitieve´ volkeren. Verschillende kunstvormen zijn inmiddels doorgesijpeld in allerlei bedrijfstakken. Zo worden dramatechnieken gebruikt bij rollenspellen in het bedrijfsleven en worden muzische middelen ingezet in de hulpverlening en zorg. Daarnaast hebben we dagelijks te maken met toegepaste kunst. Alle dagelijkse gebruiksvoorwerpen zijn ooit bedacht, getekend en uiteindelijk gecreëerd. Toen men aan functionaliteit ook esthetiek toe gingen voegen, ontstond wat wij nu industrial design noemen.
Hoe dan ook: allemaal ontsproten aan inventieve en creatieve breinen.
In de 19de eeuw deed l’art pour l’art zijn intrede en ontdeden kunstenaars hun werk van religieuze, sociale, morele, didactische en andere functies. Kunst werd steeds meer vormgegeven subjectieve expressie van het individu en er kwam meer ruimte voor de persoonlijke smaak en verbeelding. Zoals de kunstenaars zichzelf toen hebben bevrijd, kan kunst ook zelf bevrijdend werken. Creatieve expressie kan een stem geven aan niet gehoorde groepen, zoals streetart dat deed in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Kunst in de openbare ruimte staat voor kunstuitingen waar men onvrijwillig maar gratis mee geconfronteerd wordt en die indringend contact maken met de omgeving.
Kunst draagt bij aan een beschaving door deze een spiegel voor te houden, vragen op te werpen en mensen te laten experimenteren met alternatieve ziens- en denkwijzen.
Hoewel het niet altijd het doel van de kunstenaar is, kan kunst ook aanzetten tot reflectie en een scherpere blik op de waan van de dag. “Art is the lie that enables us to realize the truth”, zoals Pablo Picasso het noemde.
Een samenleving heeft bezinning, vervoering, inspiratie, schoonheid en troost nodig. Nu oude ideeën niet meer volstaan, de politiek niet in staat is hier een vergezicht tegenover te zetten en opinies de leegte niet kunnen verdrijven, biedt kunst het alternatief. Door zich uit de heersende sfeer terug te trekken en de eigen levenswandel autonoom vorm te geven: het leven als kunstwerk, zoals Foucault dat bepleitte. De familie Berglund is er volgens de buurvrouw “nog niet achter hoe ze moeten leven”. Zoals een romanschrijver de vorm en inhoud moet bepalen, zo kunnen de Berglunds dat wellicht ook doen om op die manier hun eigen leven te creëren.

Category : Column